Noordcardinale markering: betekenis, topteken en licht
Een noordcardinale markering passeer je aan de noordzijde. Cardinale markeringen worden genoemd naar het kwadrant waarin ze liggen, gezien vanuit het gevaar dat ze markeren; die naam is ook de zijde waarlangs je passeert.
Hieronder zie je hoe je de markering herkent, overdag en 's nachts, en met welke markeringen je hem kunt verwarren.
Deze pagina beschrijft de markering volgens bijlage 8 van het Binnenvaartpolitiereglement (BPR) voor het BPR-gebied.
Laatst inhoudelijk gecontroleerd: .
Zo herken je hem
De belangrijkste kenmerken van een cardinale markering zijn het topteken, altijd twee kegels, en het witte licht. De vorm kan een pilaar, ton, sparboei, drijf- of kopbaken zijn.
Noordcardinale markering
Zwart boven geel. Topteken: twee zwarte kegels met de toppen naar boven. Licht: wit, VQ of Q.
Wat hij betekent
De markering geeft aan waar ten opzichte van een gevaar bevaarbaar water ligt. Het noordkwadrant ligt tussen NW en NO, gezien vanuit het te markeren punt. Je passeert de markering dus aan de noordzijde, ongeacht uit welke richting je aankomt.
Verwar hem niet met
Let vooral op de richting van de kegelpunten en op de volgorde van zwart en geel.
Zuidcardinaal
Geel boven zwart. Topteken: twee zwarte kegels met de toppen naar beneden. Licht: wit, VQ (6) + LFl of Q (6) + LFl.
Westcardinaal
Geel met één brede zwarte band. Topteken: twee zwarte kegels met de toppen naar elkaar toe. Licht: wit, VQ (9) of Q (9).
Oefenvragen met uitleg
Bedenk eerst je antwoord en open daarna de uitleg. Deze korte zelfcontrole voorspelt niet of je slaagt voor het officiële examen.
Vraag 1
U vaart 's nachts op een groot meer en ziet het licht van een noordcardinale markering. Welk lichtkarakter hoort daarbij?
- a.Wit flikkerlicht: VQ (3) of Q (3).
- b.Wit flikkerlicht: VQ (9) of Q (9).
- c.Wit flikkerlicht: VQ of Q.
Bekijk antwoord en uitleg bij vraag 1
Antwoord C: Wit flikkerlicht: VQ of Q.
Bijlage 8 geeft voor de noordcardinale markering een wit licht met karakter VQ of Q. VQ (3) of Q (3) hoort bij de oostcardinale markering. VQ (9) of Q (9) hoort bij de westcardinale markering.
Vraag 2
Een noordcardinale markering ligt in het noordkwadrant van een gevaar. Tussen welke peilingslijnen ligt dat kwadrant, gezien vanuit het gemarkeerde punt?
- a.Tussen ZW en NW.
- b.Tussen NW en NO.
- c.Tussen NO en ZO.
Bekijk antwoord en uitleg bij vraag 2
Antwoord B: Tussen NW en NO.
Bijlage 8 deelt de omgeving van het gevaar in vier kwadranten in, gezien vanuit het te markeren punt. Het noordkwadrant ligt tussen NW en NO. De andere twee bogen horen bij andere kwadranten.
Klaar met deze 2 vragen?
Test je kennis in een volledig oefenexamen: 40 vragen in 60 minuten, over alle onderwerpen van het examen. Je uitslag (geslaagd of niet, je score en per vraag de uitleg) bekijk je na het inleveren met volledige toegang: € 19,95 incl. btw, eenmalig, geen abonnement.
Start oefenexamen 1Veelgestelde vragen
Aan welke kant passeer je een noordcardinale markering?
Aan de noordzijde. De naam van een cardinale markering geeft de zijde aan waarlangs je haar passeert.
Heeft elke cardinale markering een licht?
Niet altijd: bijlage 8 noemt het licht 'indien aanwezig'. Als er een licht is, is het wit.
Deze uitleg is door Examenzaal opgesteld. We gebruiken de tekstversie van het BPR van 17 juni 2026. Examenzaal is een onafhankelijke aanbieder van oefenmateriaal. Lees hoe ons materiaal wordt gecontroleerd. Zie je een fout? Meld die aan ons.
Bereid je voor op het volledige oefenexamen
Maak een volledig oefenexamen met 40 vragen in CBR-formaat, of bekijk eerst de examenopbouw. Je uitslag (geslaagd of niet, je score en per vraag de uitleg) bekijk je na het inleveren met volledige toegang: € 19,95 incl. btw, eenmalig, geen abonnement.