Leidinggevende horeca of slijterij: de eisen uit de Alcoholwet
Artikel 8 van de Alcoholwet stelt eisen aan leidinggevenden van een horecabedrijf of slijtersbedrijf. Ze hebben de leeftijd van 21 jaar bereikt, zijn niet in enig opzicht van slecht levensgedrag en staan niet onder curatele. Daarnaast beschikken ze over voldoende kennis en inzicht met betrekking tot sociale hygiëne en zijn ze ingeschreven in het Register sociale hygiëne.
Volgens artikel 8, tweede lid, worden bij algemene maatregel van bestuur naast die eisen andere eisen aan het zedelijk gedrag gesteld, en kan de eis van geen slecht levensgedrag nader worden omschreven. Die eisen staan in hoofdstuk 3 van het Alcoholbesluit. Hieronder staan ze samengevat; de precieze tekst vind je via de bronlinks.
Deze pagina vat de regels samen uit de Alcoholwet, het Alcoholbesluit en de Alcoholregeling, en de informatie van het Register Sociale Hygiëne. Examenzaal is geen opleiding of examenbureau en hoort niet bij de SVH, SDEN of de Landelijke commissie sociale hygiëne. Twijfel je over jouw situatie, lees dan de wettekst via de bronlinks of vraag het je gemeente.
Laatst inhoudelijk gecontroleerd: .
De eisen van artikel 8
De eisen over leeftijd, levensgedrag en curatele staan in artikel 8, eerste lid. De eis over sociale hygiëne en het register staat in het derde lid. De leeftijdseis en de eis over sociale hygiëne gelden volgens het zesde lid ook voor personen die onmiddellijk leidinggeven aan een horecabedrijf of slijtersbedrijf.
De eis over sociale hygiëne en het register geldt volgens het vierde lid niet voor leidinggevenden voor wier rekening en risico het bedrijf wordt uitgeoefend, als zij geen bemoeienis hebben met de bedrijfsvoering of de exploitatie en de vergunninghouder dit in een schriftelijke verklaring bevestigt.
Oefent een paracommerciële rechtspersoon het horecabedrijf uit (een rechtspersoon, niet zijnde een nv of bv, die zich naast bijvoorbeeld sportieve of sociaal-culturele activiteiten richt op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf), dan voldoen ten minste twee leidinggevenden aan de bij of krachtens artikel 8 gestelde eisen.
| Eis | Waar in de wet |
|---|---|
| De leeftijd van 21 jaar bereikt | art. 8 lid 1 onder a |
| Niet in enig opzicht van slecht levensgedrag | art. 8 lid 1 onder b |
| Niet onder curatele | art. 8 lid 1 onder c |
| Voldoende kennis en inzicht met betrekking tot sociale hygiëne, en ingeschreven in het Register sociale hygiëne | art. 8 lid 3 (uitzondering: lid 4) |
Eisen aan het zedelijk gedrag in het Alcoholbesluit
Hoofdstuk 3 van het Alcoholbesluit stelt eisen aan het zedelijk gedrag van een leidinggevende. Een leidinggevende is niet met toepassing van artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht ter beschikking gesteld.
Een leidinggevende is ook niet binnen de laatste vijf jaar wegens een misdrijf onherroepelijk veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes maanden door de rechter in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten. Het besluit stelt daarmee gelijk: een onherroepelijke veroordeling tot zo'n straf door een andere rechter wegens een misdrijf waarvoor naar Nederlands recht voorlopige hechtenis is toegelaten, en een bevel tot tenuitvoerlegging van zo'n voorwaardelijke straf. De periode van vijf jaar wordt teruggerekend vanaf de beslissing op de aanvraag (bij weigering) of vanaf de intrekking van de vergunning.
Verder is een leidinggevende niet binnen de laatste vijf jaar bij meer dan één uitspraak onherroepelijk veroordeeld tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 500 of meer (of een andere hoofdstraf) voor overtreding van bepaalde bepalingen. Het besluit noemt bepalingen van onder meer de Alcoholwet en de Opiumwet en bepaalde artikelen van onder meer het Wetboek van Strafrecht, de Wegenverkeerswet 1994 (artikel 8 en 162, derde lid), de Wet op de kansspelen en de Wet wapens en munitie. Gelijkgesteld met zo'n veroordeling is het betalen van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen voor zo'n overtreding, tenzij de geldsom € 375 of minder bedraagt.
Het besluit bepaalt dat de bedragen in dit artikel elke twee jaar, met ingang van 1 januari, bij ministeriële regeling worden aangepast aan de consumentenprijsindex. In de geldende tekst van het besluit (versie van 1 januari 2026, op 22 oktober 2026 de nieuwste versie in het wettenbestand van de overheid) staan € 500 en € 375. Een ministeriële regeling die deze bedragen aanpast, hebben we niet gevonden.
Tot slot is een leidinggevende binnen de laatste vijf jaar geen leidinggevende geweest van een inrichting waarvan de vergunning is ingetrokken op grond van artikel 31, eerste lid, onder c, van de Alcoholwet, of die voor ten minste een maand is gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet, artikel 174 van de Gemeentewet of een verordening op grond van artikel 149 van de Gemeentewet, tenzij aannemelijk is dat de leidinggevende daarvan geen verwijt treft.
- Alcoholwet artikel 8 (opent in een nieuw venster)
- Alcoholbesluit artikel 3.1 (opent in een nieuw venster)
- Alcoholbesluit artikel 3.2 (opent in een nieuw venster)
- Alcoholbesluit artikel 3.3 (opent in een nieuw venster)
- Alcoholbesluit artikel 3.4 (opent in een nieuw venster)
- Alcoholbesluit artikel 3.5 (opent in een nieuw venster)
Leidinggevenden op de vergunning
Zonder vergunning van de burgemeester is het verboden een horecabedrijf of slijtersbedrijf uit te oefenen. De burgemeester vermeldt de leidinggevenden in een aanhangsel bij de vergunning. De vergunning en het aanhangsel (of afschriften daarvan) zijn in de inrichting aanwezig.
Gemeenten moeten het Register Sociale Hygiëne raadplegen bij het verlenen van vergunningen en ontheffingen op grond van de Alcoholwet. Het register is openbaar: iedereen kan erin zoeken op voorletters, achternaam en geboortedatum.
Veelgestelde vragen
Hoe oud moet een leidinggevende in de horeca zijn?
De leidinggevende heeft de leeftijd van 21 jaar bereikt (Alcoholwet art. 8 lid 1 onder a). Die leeftijdseis geldt ook voor wie onmiddellijk leidinggeeft aan het bedrijf.
Moet elke leidinggevende Sociale Hygiëne hebben?
Artikel 8 lid 3 eist voldoende kennis en inzicht met betrekking tot sociale hygiëne en een inschrijving in het register. Lid 4 maakt een uitzondering voor leidinggevenden voor wier rekening en risico het bedrijf draait, als ze geen bemoeienis hebben met de bedrijfsvoering en de vergunninghouder dat schriftelijk verklaart.
Hoeveel leidinggevenden moet een sportkantine hebben?
Oefent een paracommerciële rechtspersoon het horecabedrijf uit, dan voldoen ten minste twee leidinggevenden aan de eisen van artikel 8 (lid 5).
Deze uitleg is door Examenzaal opgesteld. We gebruiken de tekstversie van de Alcoholwet van 12 februari 2025 en het Alcoholbesluit van 1 januari 2026. De informatie van het Register Sociale Hygiëne hebben we gecontroleerd op 22 oktober 2026. Examenzaal is een onafhankelijke aanbieder van oefenmateriaal. Lees hoe ons materiaal wordt gecontroleerd. Zie je een fout? Meld die aan ons.
Oefenen voor Sociale Hygiëne
Oefenexamens Sociale Hygiëne komen binnenkort bij Examenzaal. Laat je e-mailadres achter, dan mailen we je zodra volledige toegang tot de oefenexamens Sociale Hygiëne te koop is.